Borstkanker (selectie ongedaan maken) < selecteer een ziekenhuis voor informatie op maat

Gevolgen van de behandeling

Het verschilt van persoon tot persoon hoelang iemand na een operatie vanwege borstkanker in het ziekenhuis blijft. Dat hangt ondermeer af van de uitgebreidheid van de operatie, uw conditie en de opvang die er thuis is.  

 

Over het algemeen wordt de opnameduur steeds korter. In de meeste ziekenhuizen kunnen vrouwen na een borstsparende operatie en schildwachtklierprocedure na een of twee dagen naar huis. Zijn bij de operatie eveneens de okselklieren verwijderd, dan is de gemiddelde opnameduur zo'n drie tot vier dagen.  

Wondgenezing

Tijdens de operatie wordt meestal in of bij de wond een slangetje (drain) aangebracht dat het overtollige wondvocht afvoert. Er kunnen twee drains zijn: een drain voor wondvocht uit de oksel en een drain voor wondvocht uit het wondgebied van de borst.  

 

Na gemiddeld een tot vijf dagen worden de drains verwijderd. Het gebeurt regelmatig dat er zich dan toch nog wondvocht ophoopt. Als dat last geeft, kan het vocht met een injectienaald opgezogen worden. Die eenvoudige ingreep is niet echt pijnlijk.  

 

Zeker de eerste weken kan de wond pijn doen en trekken. De huid rond de wond kan enigszins verkleurd zijn en soms is het littekengebied wat gezwollen. Naarmate de wond geneest, worden deze verschijnselen minder.  

 

Na een complete okselklieroperatie ontbreekt het gevoel in de huid langs de wondranden en aan de binnenkant en/of achterzijde van de bovenarm of is dit sterk verminderd. Dat komt doordat een deel van de gevoelszenuwen in het wondgebied is doorgesneden. Bij de meeste patiënten keert het gevoel in het wondgebied na verloop van tijd weer terug.  

 

Ongeveer 20% van de geopereerde patiënten bij wie de okselklieren zijn verwijderd, houdt of krijgt last van zenuwpijn. Dat uit zich in (soms heftige) pijn in de borst(streek), de oksel en/of de arm aan de geopereerde kant en geeft hinder bij de dagelijkse werkzaamheden. Het kan de moeite waard zijn uw arts een verwijzing naar een pijnarts te vragen om te laten onderzoeken hoe de pijn te verminderen is.  

 

Het is ook mogelijk dat u enige tijd de vreemde gewaarwording heeft dat de weggehaalde borst er nog is. Dit wordt 'fantoompijn' genoemd. Het is een bekend verschijnsel bij mensen die een amputatie hebben ondergaan.  

Beweeglijkheid van de schouder

Als u een totale okselklieroperatie heeft ondergaan, kan de beweeglijkheid van de schouder minder zijn. Armoefeningen kunnen het herstel van die beweeglijkheid bevorderen. U kunt het beste vijf tot zeven dagen na de operatie met deze oefeningen beginnen. Na alleen een schildwandklieroperatie kunt u de dag na de operatie gaan oefenen en de schouder en arm normaal gebruiken.  

 

U hoeft niet bang te zijn dat door de oefeningen de wond opengaat of de hechtingen zullen loslaten. In veel ziekenhuizen is er een fysiotherapeut die een dag na de operatie adviezen komt geven en de oefeningen komt doornemen. Vaak kan een mammacareverpleegkundige of uw behandelend arts u ook vertellen welke oefeningen het beste voor u zijn.  

Na een amputatie

Als u een borstamputatie heeft ondergaan, krijgt u in het ziekenhuis een lichte, tijdelijke prothese, tenzij u nog tijdens dezelfde operatie een borstreconstructie ondergaat. De tijdelijke prothese kunt u het beste blijven dragen tot de wond helemaal genezen is. Overleg met uw arts, nurse practitioner mammacare of met een mammacareverpleegkundige wanneer en op welke manier u het beste een definitieve prothese kunt aanschaffen.

 

Er zijn prothesen in verschillende modellen, gewichten en prijsklassen. Goede, onafhankelijk voorlichting over waar u op moet letten bij de aanschaf van een prothese is belangrijk. De (mammacare-)verpleegkundige kan u in een persoonlijk gesprek over borstprothesen voorlichten en adviseren en u informeren over verkoopadressen. Daarnaast wilt u misschien ook eens praten met vrouwen die zelf ervaring hebben met het dragen van een prothese. Via de Borstkanker Vereniging Nederland kunt u met hen in contact komen. Vaak beschikken deze ervaringsdeskundigen over adressen waar u meer informatie kunt krijgen.  

 

Een goede borstprothese kan uw gevoel van zelfvertrouwen versterken. Bovendien herstelt een prothese het lichamelijk evenwicht, iets wat vooral belangrijk is als u zwaardere borsten heeft. Bij het dragen van een prothese is een bh waarin zowel de borst als de prothese goed past een eerste vereiste. Welke prothese en bh u het beste bevallen, is een kwestie van proberen wat bij uw figuur past. Ook de plaats van het litteken speelt daarbij een rol. De kosten van een definitieve borstprothese worden geheel of grotendeels vergoed door zorgverzekeraars. U kunt dit het beste bij uw verzekeraar navragen.  

 

Sommige vrouwen kunnen niet wennen aan een uitwendige prothese of zijn er niet tevreden over. Er zijn vrouwen die er dan voor kiezen om geen prothese te dragen. Er zijn ook vrouwen die besluiten een borstreconstructie te ondergaan.  

Na een borstsparende behandeling

Na een borstsparende behandeling kan de behandelde borst van vorm en grootte verschillen van de andere borst. Meestal wordt de behandelde borst na verloop van tijd kleiner. Een plastisch chirurg kan desgewenst beide borsten meer aan elkaar gelijk maken. Dit kan hij doen door de behandelde borst te vergroten of de andere borst te verkleinen. De kosten van zo'n operatie worden niet altijd vergoed door zorgverzekeraars. U kunt dit het beste bij uw verzekeraar navragen.

Anticonceptie

De anticonceptiepil brengt veranderingen in de hormonale huishouding teweeg. Het is mogelijk dat dit bij vrouwen met borstkanker een negatieve invloed heeft. Zo zouden eventueel nog aanwezige kankercellen in het lichaam die (nog) geen klachten geven, door het pilgebruik kunnen worden gestimuleerd om te groeien. Ook gaat de pil niet goed samen met een hormonale therapie. Om die redenen adviseren artsen vrouwen met borstkanker voor andere, niet-hormonaal werkende methoden van anticonceptie te kiezen.  

Kinderwens

Een deel van de vrouwen die borstkanker krijgen wordt met de ziekte geconfronteerd op een leeftijd waarop kinderen krijgen normaal gesproken tot de mogelijkheden behoort. Vrouwen in de vruchtbare leeftijd lopen risico om door chemotherapie en/of hormonale therapie onvruchtbaar te worden. Dat gebeurt bij 20 tot 50% van de behandelde vrouwen, afhankelijk van de leeftijd tijdens de behandeling en de soort behandeling.  

 

Het is eventueel mogelijk om voor de behandeling (bevruchte) eicellen of eierstokweefsel te laten invriezen. Bespreek dit met uw specialist. Bij een vrouw die na een behandeling voor borstkanker (nog) kinderen wil en kan krijgen, zal bij de keuze om zwanger te worden de kans op langdurige overleving meespelen.  

 

Dit onderwerp is uiteraard een zeer persoonlijke kwestie. Overweegt u een zwangerschap na uw behandeling, bespreek dit dan met uw specialist.

Vervroegd in de overgang

Mogelijk komt u door de behandeling (bijvoorbeeld door chemotherapie en/of hormonale therapie) vervroegd in de overgang. Misschien krijgt u daardoor last van opvliegers, of heeft u minder zin in vrijen.  

 

Bij gezonde vrouwen die in de overgang komen, kan de arts de hinderlijke gevolgen soms bestrijden door het voorschrijven van vrouwelijke geslachtshormonen. Aan vrouwen met borstkanker wordt het gebruik van vrouwelijke geslachtshormonen over het algemeen afgeraden. De mogelijkheid bestaat namelijk dat de toegediende hormonen eventueel achtergebleven tumorcellen tot groei aanzetten.  

 

Mochten de klachten bijzonder ernstig zijn, het leven helemaal verstoren en niet met andere medicijnen te verhelpen zijn, dan kan de arts - bij vrouwen met goede vooruitzichten op overleving - eventueel overwegen om toch kortdurend vrouwelijke geslachtshormonen te geven.

Laatst bewerkt: 22 augustus 2008Bron: KWF Kankerbestrijding

Voor de disclaimer, zie: http://www.kankerwiehelpt.nl/disclaimer-8.html
 

Mededeling

U ziet op deze pagina 'slechts' een beperkt aantal ziekenhuizen. Dit betekent dat alleen getoonde ziekenhuizen voor deze kankersoort eigen ziekenhuisinformatie hebben toegevoegd.

 

Als een ziekenhuis over een kankersoort nog geen eigen informatie heeft toegevoegd, betekent dit niet dat u daar niet behandeld kunt worden. Het betekent óók niet dat het ziekenhuis niet deskundig is.

 

Wanneer u kiest voor 'Toon alle ziekenhuizen' krijgt u de mogelijkheid om een ziekenhuis te selecteren, waarvan de algemene informatie getoond wordt. Daarna kunt u via de knop 'kankersoort' zien voor welke kankersoorten het ziekenhuis informatie heeft toegevoegd.