Chemotherapie
Chemotherapie is de behandeling van kanker met celdodende of celdelingremmende medicijnen: cytostatica. Er zijn verschillende soorten cytostatica, elk met een eigen werking. De medicijnen kunnen op verschillende manieren worden toegediend, bijvoorbeeld:
- per infuus
- als tablet
- per injectie
Via het bloed verspreiden zij zich door uw lichaam en kunnen op vrijwel alle plaatsen kankercellen bereiken. Vaak worden verschillende combinaties van medicijnen gegeven. Chemotherapie bij dikkedarmkanker wordt op een of meer dagen gegeven, gevolgd door een rustperiode van meestal 3 of 4 weken. Zo'n periode is dan één kuur. Op die zelfde manier volgt nog een aantal kuren. Meestal zijn dit 6-8 kuren.
Chemotherapie kan adjuvant of palliatief worden gegeven.
Bijwerkingen
Cytostatica tasten naast kankercellen ook gezonde cellen aan. Daardoor kunnen onaangename bijwerkingen optreden, bijvoorbeeld:
- haaruitval
- misselijkheid
- braken
- darmstoornissen
- verhoogd risico op infecties
- vermoeidheid
- onvruchtbaarheid
Acute misselijkheid en overgeven zijn meestal te bestrijden met medicijnen. De bijwerkingen verminderen doorgaans geleidelijk nadat de cytostaticatoediening is beëindigd. Vermoeidheid kan na de behandeling echter nog lang aanhouden.
Of u last krijgt van bijwerkingen hangt onder meer af van de soorten en hoeveelheden cytostatica die u krijgt.
Haaruitval is bij de behandeling van dikkedarmkanker niet zodanig dat u helemaal kaal wordt. Het haar kan wel wat dunner worden. Als gevolg van de behandeling met cytostatica kan onvruchtbaarheid optreden, soms blijvend. Patiënten met een (toekomstige) kinderwens, kunnen dit het beste vóór het begin van de behandeling met hun specialist bespreken.
Laatst bewerkt: 18 december 2008Bron: KWF Kankerbestrijding
